zaterdag 28 februari 2009

Minister in de war

Eind januari 2009 kwam Minister Ter Horst in het nieuws. Ze vond het een goed idee als winkeliers met hun camera's ook de openbare weg buiten hun winkel mogen gaan filmen. Want overvallers doen hun vermomming meestal buiten al op en zijn onherkenbaar als ze met camera's in de winkel worden gefilmd.

De juweliers sprongen een gat in de lucht van blijheid: want tot nu toe mochten alleen gemeenten op straat filmen 'vanwege de Wet op de privacy'. Maar dat is helemaal niet zo - we hebben in Nederland niet eens een Wet op de privacy. Op straat mag je gewoon filmen wat je maar wilt. Binnen gelden iets strengere regels: je mag bijvoorbeeld niet in pashokjes of toiletten filmen. Maar op straat is the sky the limit.

Heb je als gefilmde voorbijganger dan helemaal geen rechten? Jawel. Zo is er bijvoorbeeld de Wet bescherming persoonsgegevens. Die wet geldt alleen voor persoonsgegevens 'in een bestand', dus niet voor het live bekijken van camerabeelden. Dat mag je gewoon altijd doen, want je mag ook zelf buiten gaan staan en rondkijken. Als mensen individueel herkenbaar zijn op opgenomen beelden, bevat het bestand persoonsgegevens. De eigenaar van dat bestand moet netjes met de gegevens omgaan en mag ze alleen gebruiken voor de juiste doelen. Je mag ze niet te lang bewaren en je mag ze niet aan iedereen geven.

Kortom: als ik juwelier ben en ik ben een paar keer overvallen, dan mag ik camera's ophangen aan mijn buitengevel en de straat filmen. Als ik netjes - met mezelf - afspreek dat ik zorgvuldig met de opgenomen beelden zal omgaan, doe ik alles volgens het boekje. Dat was al zo en dat is nog steeds zo.

Maar wat was dan het grote nieuws? Wat wilde de minister mogelijk maken? Niks: vandaag verklaarde een woordvoerder van de minister dat er geen wetswijziging nodig is om het plan van de minister mogelijk te maken.

Privacy kan worden aangetast door cameratoezicht op straat. Daarom is het belangrijk regelmatig over privacy te praten. Maar neem dan wel even de moeite om de wetgeving te bestuderen. Privacy is ideologisch zo'n zwaar beladen onderwerp, dat voor- en tegenstanders van cameratoezicht meteen in een kramp schieten als het ter sprake komt. De voorstanders roepen om het hardst dat veiligheid veel belangrijker is dan privacy: "Als je niks te verbergen hebt, heb je niks te vrezen." De tegenstanders willen überhaupt niet over cameratoezicht praten, omdat camera's altijd een aantasting van de privacy vormen en dus slecht zijn. Beide standpunten zijn onzinnig: je moet van geval tot geval bepalen waar de grenzen liggen en wat je als samenleving acceptabel vindt. Een loopgravenoorlog van privacy versus veiligheid, kost heel veel tijd en brengt ons geen stap verder.

zaterdag 21 februari 2009

Almere stuk onveiliger door camera's

In Almere hangen sinds vorig jaar bijna honderd camera's in de binnenstad om de leefbaarheid en veiligheid te vergroten. Als zich voor de camera een incident voordoet, wordt dit live waargenomen door twee observanten in de toezichtcentrale. Zij kunnen dan de politie inschakelen, of een gemeentelijke handhaver of iemand anders. Soms doen ze ook niets - als het niet ernstig genoeg is om te reageren.

In de laatste zes maanden van 2008 hebben ze in Almere zesduizend incidenten gezien in de toezichtcentrale. Als dat zo doorgaat, worden dat er dus 12.000 per jaar.

Als je dat vergelijkt met andere steden schrik je je rot:

Delft - 140 incidenten per jaar
Dordrecht - 29 incidenten per jaar
Gouda - 270 incidenten per jaar
Leeuwarden - 219 incidenten per jaar

Is het in Almere onveiliger? Nee.
Hangen er veel meer camera's? Nee.
Zitten er meer observanten naar de beelden te kijken? Nee.
Kijken de observanten beter uit hun doppen? Een beetje.

Het echte verschil zit hem in de registratie van incidenten. In Almere gebruiken de observanten Coppweb: een systeem van VCS-Observation (de leverancier van het camerasysteem). En dat systeem is erg gebruiksvriendelijk. Het zorgt er voor dat de observanten met een paar klikken een incident kunnen registreren en direct daarna weer verder kunnen gaan met hun werk.

In andere steden moeten de observanten die een incident hebben gezien eerst de politie bellen en het incident afhandelen. Daarna nemen ze een kopje koffie voor de schrik en praten ze er even over met elkaar. Als ze dan weer aan de slag gaan, moeten ze zich herinneren dat ze het incident nog moeten registreren. Soms moet dat op papier: datum, tijdstip, locatie, soort incident, je naam, je telefoonnummer, je geboortedatum, de plek waar je de beelden hebt opgeslagen. En ga zo maar door. Of ze doen het in Excel: eerst de computer opstarten, inloggen, document openen, incident invoeren (datum, tijd, plaats, soort incident, etc.).

Hoe anders is het in Almere: je ziet een incident, je klikt op de knop 'fietsendiefstal' en je bent al bijna klaar. Het systeem registreert namelijk automagisch de datum, de tijd, de lokatie (het cameranummer waar je naar zit te kijken wordt gelogd) en hij zet een vlaggetje in de database van opgenomen beelden zodat de politie snel kan terugvinden waar de belangrijke beelden staan. Het enige dat je nog hoeft toe te voegen is een omschrijving van het incident (kwestie van kiezen uit een lijst met wat opties) en eventuele acties door de politie of iemand anders. Klaar ben je. Al die tijd kan je gewoon naar de beelden van de camera's blijven kijken, want het systeem werkt op hetzelfde scherm als waar je de camerabeelden bekijkt.

Sommige mensen vinden cameratoezicht Big Brother. Ik zag laatst zelfs een affiche met de tekst "1984 was not supposed to be an instruction manual". Dat mag je vinden - tuurlijk. En soms vind ik dat ook wel. Maar aan de andere kant: als je het doet, doe het dan goed. Gemeenten die wel camera's ophangen en er vervolgens niks mee doen, kunnen beter hun geld in een put gooien.

maandag 9 februari 2009

Wallen worden rustiger


In het Parool stond dit weekend een artikel over de Wallen. De journalist wist te melden dat er dit jaar 11% minder Britten naar de Wallen komen. Ik dacht meteen dat dit wel zou komen door het feit dat er prostitutieramen en coffeeshops verdwijnen. De gemeente wil namelijk dat het aantal ramen voor prostitutie de komende jaren met de helft afneemt. Ook coffeeshops moeten voor een deel verdwijnen om de buurt een ander imago te geven. Kennelijk hebben die plannen nu al effect op het aantal bezoekers.

Maar ik zat fout. De reden was financieel: de pond staat zo laag dat het voor Britten te duur wordt om hier naartoe te komen. "Volgend jaar gaan we naar Praag - daar is het goedkoper", aldus een paar vrolijke feestgangers die een vrijgezellenfeest kwamen vieren.

Het deed me terugdenken aan de evaluatie van de opheffing van het bordeelverbod die ik in 2006 deed voor het ministerie van Justitie. De vraag naar prostitutie was sterk afgenomen tussen 2000 en 2006. Maar kwam dat door de opheffing van het bordeelverbod? Welnee. De economische ontwikkeling, de invoering van de euro, de groei van internet en mobiele telefonie - dat waren de redenen dat de prostitutiesector veranderd was, aldus de exploitanten en de prostituees.

Een lesje in bescheidenheid voor de overheid. De prostitutiesector laat zich maar moeilijk reguleren. Er zijn zoveel factoren op van invloed dat je maar het beste stapje voor stapje kan reageren op wat er om je heen gebeurt.

maandag 2 februari 2009

Geen fietsen - er hangen hier camera's!

Gisteren ging ik naar het Amsterdams Historisch Museum. Ik wilde met mijn fiets aan de hand naar de ingang lopen, toen er ineens een bewaker voor me stond: "Geen fietsen hier! Dat mag niet."

"Nee, maar ik ga niet fietsen, ik ga lopen. Ik wil mijn fiets bij de ingang zetten."

"Nee, geen fietsen hier. Er hangen hier allemaal camera's."

Zo werkt dat dus tegenwoordig. Handhavers vinden de regels die ze moeten handhaven misschien onzinnig, maar ja, ze worden in de gaten gehouden door camera's. En wie ben ik om zo'n aardige handhaver in een lastig parket te brengen als hij straks na zijn dienst door zijn leidinggevende met de beelden wordt geconfronteerd?

Blowverbod in de BaarsjesHet is overigens geen nieuw verschijnsel. Al jaren worden er overal bordjes opgehangen die uitleggen wat niet mag. Alcoholverbod. Geen straatverkoop. Niet blowen. Die borden hangen er niet omdat mensen zich dan netjes gaan gedragen. Die borden hangen er zodat handhavers erop kunnen wijzen als ze een overtreding zien. Het is kennelijk niet meer genoeg als iemand in uniform tegen je zegt wat wel en wat niet mag. Dit lijkt me het failliet van de menselijke maat en de triomf van een overheid die alleen nog maar met bordjes haar soms onzinnige regeltjes aan de man kan brengen.

zondag 1 februari 2009

Antwerpen vindt het wiel uit


Ik was vorige week in Antwerpen om over de gemeentelijke camera's te praten. Vier jaar geleden was ik er voor het eerst: de gemeente had plannen om camera's op te hangen en ze wilden dat ik ze advies gaf. Inmiddels hangen de camera's er een jaar.

Het was boeiend om te zien hoe deze Belgische gemeente - net als alle Nederlandse gemeenten die camera's ophangen - het wiel moest uitvinden. Of zoals ze daar zeggen 'het warme water uitvinden'. Helemaal onterecht is dat ook niet - er zijn namelijk ook echt verschillen. De samenwerking met de politie is in Belgie bijvoorbeeld anders geregeld dan bij ons. In Nederland moet de politie de regie voeren over gemeentelijk cameratoezicht. In de praktijk komt dat er op neer dat de politie aanwezig is in de toezichtcentrales. Maar ze zitten niet achter de beeldschermen zelf: blauw moet op straat rondlopen en niet achter een beeldscherm zitten, is hier de gedachte. In Antwerpen zien ze dat anders. Daar worden de beelden namelijk wel bekeken door politiemensen.

Je zou denken: da's mooi, want dan kunnen ze meteen in actie komen als ze wat zien. Politiemensen achter een monitor mogen een proces-verbaal opmaken en particuliere bewakers niet. Daarnaast hoop je dat politiemensen beter zijn in het herkennen van boeven en verdacht gedrag. Helaas, net als in Nederland werkte het ook in Antwerpen niet als gehoopt. Uit onze evaluatie bleek dat de politie nauwelijks echt iets met de camera's doet. De meeste camerabeelden worden pas interessant als het al te laat is en het incident al is gebeurd. Reactief cameratoezicht noemen we dat.

Alle ervaringen in binnen- en buitenland leren ons dat reactief cameratoezicht maar weinig oplevert. In de meeste gevallen worden incidenten toch wel doorgebeld naar het alarmnummer, dus dan is er al snel een agent ter plaatse. Camera's kan je nou juist prima gebruiken als proactief middel. Dat betekent dat je ze slim inzet en voordat er iets gebeurt. Je kan bijvoorbeeld de werkwijze van een groep dealers filmen en bewijzen dat de loopjongens opdrachten krijgen van de baas. Ook kan je met camera's af en toe een virtueel rondje door de wijk lopen. Het mooie daarvan is dat je dan niet echt op straat loopt en dus ook geen invloed hebt op het gedrag van je medemensen. Als een politieman in zijn uniform over de Amsterdamse Wallen loopt, ziet hij wat anders dan als ik er loop - de dealers verdwijnen als sneeuw voor de zon als er een handhaver aan komt wandelen. Met camera's heb je dat probleem niet.

Maar dat soort slim gebruik van cameratoezicht zien we in maar weinig plekken en dat is zonde van het geld. Hopelijk dat Antwerpen er in slaagt voor de volgende evaluatie ook de proactieve kanten van cameratoezicht te ontwikkelen.